NIR-technologie, ofwel Nabij-Infrarood Spectroscopie, wordt in de landbouw steeds vaker ingezet om tijdens het zodebemesten realtime inzicht te krijgen in de samenstelling van drijfmest. Door continu te meten in de toevoerleiding van de mest ontstaat per perceel, en zelfs binnen één werkgang, een nauwkeurig beeld van de mestkwaliteit. Dit maakt preciezere bemesting mogelijk en helpt bij het naleven van de geldende plaatsingsnormen.
Wat meer NIR precies?
Een NIR-sensor bepaalt tijdens het uitrijden continu de gehalten aan stikstof, fosfaat en kali in de mest, aangevuld met metingen van het drogestofgehalte en het gehalte aan organische stof. Omdat dit meten plaatsvindt in de toevoerleiding, zijn de uitkomsten direct gekoppeld aan de werkelijke gift op het perceel. Variaties in mestkwaliteit binnen één tank of tussen verschillende vrachten worden zo direct zichtbaar.
Voordelen bij zodebemesten
Het gebruik van NIR levert een aanzienlijk nauwkeurigere bemesting op. Omdat de werkelijke gehalten aan stikstof, fosfaat en kali per hectare bekend zijn, sluit de perceelsregistratie beter aan op de daadwerkelijk toegediende hoeveelheden. Dit vergemakkelijkt de aangifte en vermindert het risico op overschrijding van de wettelijke gebruiksnormen. Daarnaast wordt de mest efficiënter benut: door minder te werken met gemiddelde of geschatte waarden neemt de kans op over- of onderbemesting af, met een betere gewasbenutting als resultaat. Tot slot biedt NIR de mogelijkheid om de dosering automatisch aan te passen op basis van de gemeten samenstelling, zodat de machine meer of minder mest kan toedienen afhankelijk van wat de meting op dat moment aangeeft.